woensdag 11 juni 2014

Dokter Wolf

























Mijn Chinese kamergenoot vroeg of ik een verhaaltje wilde schrijven over een wolf en een ezel. Ze gaat het gebruiken om zelf basic Nederlands te leren en omdat ze Chinese les geeft aan een drie jarig kind van een professor. 'His father wants him to become something,'  zei ze over de motivatie van de ouders hun kind Chinese les te geven. 

Dit is het verhaal:

Een ezeltje staat ontspannen in de weide. De zon schijnt en hij neemt 
kleine hapjes van het gras. Zo brengt hij een groot deel van de
ochtend door.

Na een tijdje wordt hij opgeschrikt. Vanaf de rand van het weiland sluipt
een donkere schaduw naderbij. Het is een wolf. Hij zegt: ‘Hallo ezeltje, hoe zou je het vinden als ik jou eens zou oppeuzelen?’

‘Nou, dat zou ik maar niet doen,’ zegt het ezeltje snel. ’Er zit
namelijk een grote splinter in mijn poot en als je me oppeuzelt dan
kan je daar misschien in stikken.’

‘Ach, dat is vervelend,' zegt de wolf bezorgd. 'Zal ik anders even kijken?’

‘Heel graag, het is mijn rechter achterpoot.’

De wolf brengt zijn gezicht naderbij om de splinter te verwijderen. Hij meent het vervelende puntje al bijna te zien. Het zit in de hoef. 
Op dat moment schopt het ezeltje heel hard achteruit tegen de snuit van de wolf en rent snel bij hem vandaan. 

'Au,' jammert de wolf. 'Wat ben ik toch een stomkop. Had ik maar naar mijn vader geluisterd. Hij zei: Een slagerszoon moet nooit voor dokter spelen.'

dinsdag 10 juni 2014

Trein


Een deur ging niet meer dicht. De trein bleef staan. We moesten in Lelystad overstappen. Een defect aan het veiligheidssysteem in de tunnel van Dronten zorgde ervoor dat we stil stonden voorbij Dronten. We moesten terug. Maar ook daarvoor kregen we niet het signaal veilig. We mochten een tijdlang niet vooruit en niet achteruit. Toen vertelde de conducteur dat we toch achteruit mochten rijden richting Lelystad, terwijl eigenlijk het signaal onveilig was afgegeven. In Lelystad moesten we wachten op de volgende trein naar Groningen. Normaal gesproken is de reis twee uur. Niet zo erg want je zit en je rijdt en je kan je werk doen. Vandaag was dat niet zo. Bijna vijf uur in de trein. Dan zit je eigenlijk al in Berlijn. Dit moet een voorteken zijn. Het wordt tijd om te verhuizen. 

zondag 8 juni 2014

Attractie

schuddegeest_3




















Een mooie dag. Mensen gaan aan de wandel. Hofjes worden te voet ontdekt. ‘We zij nota bene opgegroeid aan de Javastraat, maar van dit hofje wisten we niets.’ ‘Wat woont u hier geweldig.’ Je speelt mee, je moet wel. Mensen hebben een beeld op jou geprojecteerd en ze hebben een leuk dagje uit. Ik mag dan wel gewoon op mijn stoep zitten om de krant te lezen, voor anderen ben ik een toeristische attractie. Ik ben de gezellige bewoner in het gezellige hofje de Schuddegeest. ‘We hebben zo’n leuke dag gehad,’ zeggen de dames tegen elkaar in de trein terug naar Zoetermeer. 'En we hebben zo'n leuk iemand gesproken, enig.' Je hebt het recht niet om hier chagrijnig te zijn. 

zaterdag 7 juni 2014

Parkeerplaats bewaarder


De film ‘The Parking Lot Movie’ over de parkeerplaats verzorgers van een parkeerplaats in Charlottesville Virginia, stond al erg lang op mijn lijstje om te bekijken. Vandaag zag ik de film eindelijk helemaal. Een geweldige documentaire over parkeerplaats bewaarders die min of meer in strijd zijn met de automobilisten. Ze worden uitgescholden en veel chauffeurs willen niet betalen, maar ze ervaren ook een zekere macht omdat mensen met dikke auto's toch ook ergens moeten parkeren. Als de auto te groot is wordt deze geweigerd.
Iemand in de film zegt: 'Het is een goeie plek voor filosofen want hier krijg je af en toe een middelvinger naar je opgestoken en filosofen hebben dat nodig.' De auto bewaarders zien zichzelf  soms als God. Wie niet betaalt kan een steen tegen z'n ruit verwachten. Ze zijn het kleine leger van mensen die niets hebben en op de fiets naar het werk gaan tegenover het grote leger van autobezitters en consumenten. Hier komen ze elkaar tegen. Mocht ik ooit kinderen krijgen dan zou ik willen dat mijn kind een parkeerplaats medewerker zou worden. Het lijkt me eerlijk en simpel werk. Maar volgens mij is het een uitstervend beroep. Rietdekker is natuurlijk ook goed.

Wegpoetsen walvis II



Ongelukje met een walvis in Taiwan.

vrijdag 6 juni 2014

Wegpoetsen Walvis I

Detail of Hendrick van Anthonissen, View of Scheveningen Sands (circa 1641) before and after conservation. Courtesy the Fitzwilliam Museum.


Op dit zeventiende eeuwse schilderij van het gezicht op Scheveningen (Hendrick van Anthonissen) is onlangs bij een restauratie een complete walvis teruggevonden. Dat verklaart waarom er zoveel mensen op het strand lopen. Je vraagt je af waarom iemand de walvis weg zou willen hebben. Voldeed het soms niet aan de esthetische voorwaarden van die tijd. Zo’n vreemde donkere plek op je doek, dat kon je aan niemand laten zien. Misschien vond de eigenaar die walvis een onsmakelijke anekdote en wilde hij z’n schilderij meer eeuwigheidswaarde geven. Hij wilde een strand zoals het er altijd uitzag. Ik moet zeggen: het is haast onvoorstelbaar, maar ook goed dat de walvis terug is.

donderdag 5 juni 2014

Insider/outsider

SnowdenWij zijn de gebeurtenissen van 1968 allang vergeten, maar de overheid niet. Zij hebben er alles aan gedaan om dergelijk grote opstanden te voorkomen. Zij hebben hun lessen getrokken. het mag nooit meer gebeuren. Dit zegt Dan Carlin in zijn podcast Common Sense. Met name gebeurtenissen zoals in de jaren zestig met de civil rights movement, de black panthers, daar zijn ‘insiders’ bang voor. Bankiers waren als de dood voor de occupy movement en de kans is groot dat die mensen in de gaten worden gehouden. De overheid waarschuwde bedrijven en banken ook voor hen. Maar zijn dat terroristen? Carlin denkt dat de volgende onthullingen van Snowden zullen gaan over het soort mensen waar de Amerikaanse overheid op spioneert. Mensen zoals u en ik. Outsiders die noodzakelijk zijn voor het democratische evenwicht en die op geen enkele wijze als terrorist gebrandmerkt kunnen worden. 
Insiders helpen insiders. Alleen outsiders mogen roepen wat ze willen, maar die hebben dan weer geen macht.
Dan Carlin haalt een anekdote aan om dit mechanisme te illustreren. Hij zegt erbij dat het van horen zeggen is: 'Iedere Amerikaanse president wordt voordat hij zijn ambt mag bekleden meegenomen naar een ruimte waar hij de filmbeelden van de moord op John F. Kennedy te zien krijgt. Daarna vragen ze aan hem:  "Any questions?"'

woensdag 4 juni 2014

Voetbaldrama




Oranje speelde vandaag tegen Wales. De laatste oefenwedstrijd, morgen vliegen ze naar Brazilië. De oefenwedstrijd was niet om aan te zien als we Jack van Gelder mogen geloven. Het verslag van Jack op de radio was een genot om naar te luisteren. Je hoorde hem bijna lijden. Wat een gemopper. Uiteindelijk waren er dan toch twee goals voor Nederland. Jack zei dat we dit heus niet positief hoeven op te vatten. ‘In San Salvador is het aanmerkelijk warmer, het veld slechter en de tegenstander fitter. Oranje heeft zich hier geen pijn willen doen. Kunnen ze dat dan wel in Brazilië?‘
Ik vind voetbal niet zoveel aan. De spelers zijn te voorzichtig, er wordt niet geëxperimenteerd en niet aangevallen. Nederland heeft met zijn totaal voetbaal, het spel efficiënt gemaakt, maar ook saai. Er zijn geen helden meer. Maar daar is Jack. Hij maakt er alsnog een drama van.  Hij is de grootste advertentie die de radio zich maar kan wensen.
He gesproken woord biedt ruimte voor meer drama. Achteraf vind ik het niet zo raar dat Jack van Gelder de rol speelde van Pilatus in de opvoering van de volkse musical 'The Passion of the Christ'. Hij houdt van theatraliteit.
Het afmakertje was subtiel, maar meedogenloos: ‘Misschien zat de jetlag er al in, ook al vliegen ze pas morgen.’

dinsdag 3 juni 2014

Badminton


Vandaag las ik ‘ The Ambassy of Cambodia’, een prachtig verhaal van Zadie Smith over Fatou die graag zwemt en van het huis van haar werkgever op weg naar het zwembad voorbij de ambassade van Cambodja komt. Het is goed geschreven. Op een onuitgesproken wijze gaat het over de vluchtelingenproblematiek. Het gaat over hoe dingen zijn en hoe dingen zich voordoen. We kunnen niet alles overzien. Fatou zwemt, ze zwemt in health center met de ‘ geleende’ pasjes van haar werkgevers. Ze werkt als oppas en hulp in de huishouding. Ze is gelovig en weet dat de duivel bestaat. Als ze een van de kinderen het leven redt wordt ze ontslagen. Onbegrijpelijk. De ambassade van Cambodja is nooit ver weg. Niemand weet precies wat er speelt. Mensen spelen er badminton. Zoveel is zeker. Een shuttletje spring boven de muur op en neer.

maandag 2 juni 2014

Een dag om aan de balk te spijkeren

Recensie: Rinus Spruit – <em>Een dag om aan de balk te spijkeren</em>

Het is middag. Een man loopt de tuin in en lepelt staand een bakje vla leeg. Dan gaat hij weer naar binnen. s ‘Avonds om negentien minuten over acht komt er vlak over de daken een vlucht ganzen over. Ze scheren kakelend voorbij. De kat kijkt gealarmeerd omhoog. Ze kan er niets aan doen.

In het huis van de kat waar ik even op pas trof ik een boek van Rinus Spruit. 'Een dag om aan de balk te spijkeren' heet het. Geweldig boek. Het doet me denken aan het laatste Nederlandstalige boek dat ik las: 'Het boek Ont'  van Anton Valens. Beide hoofdpersonen gaan gebukt onder een ziekelijke onzekerheid. In het boek van Valens knapt de hoofdpersoon aan het einde behoorlijk op. Hoe het met de hoofdpersoon van Spruit gaat aflopen weet ik nog niet halverwege het boek. De hoofdpersoon heet Maarten Rietgans en heeft zowel een messiascomplex als een minderwaardigheidscomplex. Hij probeert uit te blinken als verpleegkundige. Op pagina 128  valt te lezen: ’Er mag gestorven worden, maar nier meer dan nodig is.’
Het is een boek waarin je blijft lezen. De ganzen staan nu vast ergens op een donker veld, een tram laat z'n bel rinkelen. De kat wil aandacht. Ik lees snel verder over Maarten Rietgans.